Toen Toukomst de inwoners van Groningen vroeg om ideeën voor de toekomst van de provincie, leverde dat meer dan 900 inzendingen op. Ruim 400 van deze ideeën hadden te maken met het landschap van Groningen. “Bundel deze ideeën zoveel mogelijk”, adviseerde het Toukomstpanel, “want op die manier maken we véél meer impact.” En zo werd het idee van de Landschapswerkplaats geboren, een plek waar inwoners én professionals samen aan de slag gaan met een mooier, groener en toegankelijker Groningen. De voorbereidingen zijn inmiddels in volle gang, de pilotfase is goedgekeurd. Maar wat is de Landschapswerkplaats eigenlijk?

Samen werken aan een mooier, groener en toegankelijker Groningen.

Het belangrijkste doel van de Landschapswerkplaats is het creëren van een fijnmazig biodivers netwerk van groen en water aan de hand van initiatieven van inwoners van de provincie Groningen. Dit netwerk maakt het mogelijk het landschap te beleven en er te recreëren, bijvoorbeeld door nog beter te kunnen wandelen, fietsen, paardrijden en varen. “Tijdens het verzamelen van ideeën voor de toekomst van Groningen werd duidelijk hoe gesteld Groningers op hun landschap zijn en hoe belangrijk het is om daarin te investeren”, zegt Johannes Boshuizen, programmamanager van Toukomst. “We ontdekten dat Groningers hun provincie graag toegankelijker willen maken, zodat ze op meer plekken van het landschap kunnen genieten. Door ideeën van inwoners over het landschap te combineren in de Landschapswerkplaats creëren we samenhang en verbinding.”

Veel mensen willen graag in hun vrije tijd eropuit. Op sommige plekken kan dat bijna niet zonder langs autowegen te gaan. Over het verbeteren van dat soort dingen gaat de Landschapswerkplaats.

JOHANNES BOSHUIZEN

Voor mens, plant en dier

Afgelopen jaren hebben veel inwoners van Groningen ervaren hoe belangrijk het is om in je eigen omgeving te kunnen genieten van het landschap. Johannes: “Veel mensen willen graag in hun vrije tijd eropuit. Op sommige plekken kan dat bijna niet zonder langs autowegen te gaan. Over het verbeteren van dat soort dingen gaat de Landschapswerkplaats. Met alles wat we doen voor de inwoners van Groningen willen we tegelijkertijd kijken naar hoe we ons landschap zo aantrekkelijk mogelijk maken voor bomen, planten, vogels en andere dieren. Als we bijvoorbeeld een nieuw wandelpad aanleggen, onderzoeken we ook hoe we naast dat wandelpad een groene en biodiverse berm kunnen creëren.”

Gebiedsgericht werken

Vanuit de Landschapswerkplaats wordt gebiedsgericht gewerkt. Dit betekent dat er per gebied goed gekeken wordt naar hoe initiatieven te combineren zijn en naar wat wel en niet past in het landschap. Groningen telt zeven verschillende landschapstypes (zie: www.kwaliteitsgidsgroningen.nl), met ieder z’n eigen kenmerken. Johannes: “Per gebied onderzoeken we wat nodig is, zodat we kunnen voortbouwen op de kenmerken van dat gebied. Want met één oplossing voor heel Groningen ben je er niet; ieder landschapstype heeft z’n eigen impuls nodig. Waar je in het ene gebied veel bomen zou kunnen planten, wil je in het andere gebied juist zuinig omgaan met het weidse landschap.” Ook sluiten de projecten van de Landschapswerkplaats zoveel mogelijk aan op bestaande structuren. Johannes: “Wat gebeurt er al in deze regio en bij welke bestaande initiatieven en ondernemers kunnen we aansluiten? Een nieuwe vaarroute ontsluiten krijgt iets extra’s als je langs bijzonder erfgoed kunt varen of een fijne horecavoorziening kunt bezoeken.”

“De Landschapswerkplaats is een groot en uitdagend project”, besluit Johannes. “Het is één van de grootste projecten van heel Toukomst; we hebben er dertig miljoen euro voor gereserveerd. Dat vraagt een goede voorbereiding en daar zijn we, samen met Prolander, Landschapsbeheer en de initiatiefnemers, druk mee bezig. We hopen dat het bestuur van Nationaal Programma Groningen het projectplan voor de Landschapswerkplaats in mei goedkeurt. Wat dit plan zo mooi maakt? De betrokkenheid van honderden inwoners. De ideeën zijn écht van hen. Normaal gesproken komen landschapsprojecten voort uit beleid van overheden. Nu zijn het de inwoners die de ideeën ontwikkelen en ook meehelpen in de uitvoering. We hopen dat deze nieuwe manier van werken uiteindelijk wordt omarmd door de overheid. Puur omdat ze zien dat het meerwaarde heeft.”

Pilotprojecten

Om niet stil te zitten én om alvast aan de nieuwe werkwijze tussen inwoners en professionals te wennen, is er 1,1 miljoen euro gereserveerd voor een aantal pilotprojecten. Deze projecten worden dit jaar opgestart en sommige zelfs afgerond. Landschapsbeheer Groningen is verantwoordelijk voor de uitvoer van deze pilots, Wendy Tromp is vanuit Landschapsbeheer Groningen kwartiermaker. “De grote meerwaarde van Toukomst en de Landschapswerkpaats is dat burgers nu het heft in handen hebben”, zegt Wendy. “Zij hebben in feite het geld in handen en zij mogen beslissen wat daarmee gebeurt. Dat betekent dat er nu misschien wel heel andere dingen gaan gebeuren dan normaal gesproken het geval zou zijn geweest – omdat de overheid er niets in zag, bijvoorbeeld. Je krijgt nu iconische projecten die echt vanuit het hart van de inwoners van Groningen komen. Een voorbeeld? Oude zout-zoetwater verbindingen herstellen, waarbij je de invloed van de zee landinwaarts weer groter maakt. Zonder Toukomst zou dat een project zijn, dat niet direct bovenop de stapel ligt van een provincie of waterschap. Terwijl we vanuit de Landschapswerkplaats kunnen zeggen: laten we het in ieder geval onderzoeken. Projecten die eerder niet van de grond kwamen, komen dat nu misschien wel. Toukomst is een grote impuls voor initiatieven die anders op de plank blijven liggen. Ook omdat er nu geld voor is.”

De dingen die we doen, moeten gewoon goed, en écht effect hebben voor de Groningers. Dus niet: drie wandelpaden en een kanoroute en dat was het dan.

WENDY TROMP

Dertig miljoen euro

“Dertig miljoen euro voor de Landschapswerkplaats lijkt veel, maar het is zomaar op”, zegt Wendy. “Om teleurstellingen te voorkomen, moeten we zorgvuldig te werk gaan. Hoe besteden we dit geld op een goede en zo eerlijk mogelijke manier? Hoe zorgen we ervoor dat inwoners en professionals zo soepel mogelijk kunnen samenwerken? Welke initiatieven zijn haalbaar en welke niet? En hoe zorgen we ervoor dat de ideeën die we uitvoeren toekomstbestendig zijn? Wie zorgt er bijvoorbeeld voor het beheer van dat nieuw aangelegde bos? Vóórdat je van start kunt, moet je goed nagedacht hebben over die dingen.”

De pilots waar Landschapsbeheer Groningen samen met initiatiefnemers mee aan de slag gaat, liggen in drie geselecteerde gebieden: Centrale Woldgebied/Duurswold (omgeving Schildmeer tot en met omgeving Meerstad), het Wad- en Wierdengebied omgeving Reitdiepdal en Oldambt met een uitloper richting Westerwolde, via de Westerwoldsche Aa. Wendy: “In deze gebieden willen we zoveel mogelijk van de initiatieven van de Landschapswerkplaats realiseren. En dat gaat op de ene plek wat vlotter dan de andere. Planten zaaien kan snel, maar grond kopen voor een fietspad kost meer tijd. De dingen die we doen, moeten gewoon goed, en écht effect hebben voor de Groningers. Dus niet: drie wandelpaden en een kanoroute en dat was het dan. Groningers moeten het landschap op grote schaal veel meer kunnen beleven, er écht van kunnen genieten.”

Groene Longen

Anja van der Linden uit Engelbert is één van de initiatiefnemers die zich gemeld hebben bij Toukomst met een idee voor een groener Groningen. Zij vertegenwoordigt een groep dorpsgenoten die zich sterk maakt voor een nieuw bos tussen de A7 en Meerstad. Dit idee is uiteindelijk gebundeld in het project ‘Groene Longen voor de provincie Groningen’, dat deel uitmaakt van de Landschapswerkplaats. Groene Longen wil minstens twee miljoen nieuwe bomen in Groningen, niet alleen door uitbreiding en aanplant van kleine en grotere bossen, maar ook door bomen langs wegen, houtwallen, struwelen en op erven. “Een groener Groningen is belangrijk voor iedereen”, vertelt Anja. “Niet alleen voor de inwoners, die er heerlijk kunnen wandelen en fietsen, maar ook voor de biodiversiteit van de provincie. We willen meer plekken creëren waar bomen en planten goed kunnen groeien en waar dieren hun plekje vinden. Ja, Groningen is van de weilanden en van de vergezichten, maar dat kan wat ons betreft goed samengaan met meer bos. In Drenthe is er veel meer werk gemaakt van het creëren van mooie landschappen, in Groningen is dit altijd een ondergeschoven kindje geweest. Daar gaan we met Groene Longen verandering in brengen.”

We weten ook dat ons project tijd kost. Een bos is er niet zomaar. De grond moet worden aangekocht, bestemmingsplannen gewijzigd én het moet passen in de andere plannen die al voor het gebied klaarliggen.

ANJA VAN DER LINDEN

Dat er nu een Landschapswerkplaats is waarin deze ideeën tot uiting kunnen komen, vindt Anja mooi. “We worden hiermee als inwoners serieuzer genomen in onze wensen. Dat onze projecten zijn gebundeld zorgt voor een fijne kruisbestuiving; het ene project vult het andere weer aan. We kunnen er met de Landschapswerkplaats bovendien voor zorgen dat we met onze ideeën verschillende gebieden aan elkaar verbinden. En als deelnemers heb je echt wat aan elkaar; de één heeft kennis van dit en de ander weer van dat. Ook is het fijn dat we begeleiding krijgen van professionals, want wat weet ik nu van bestemmingsplannen, grond aankopen en noem maar op? Ik ben maar gewoon een bewoner die samen met andere inwoners een plan verder wil brengen.”

Groene longen maakt deel uit van de pilotfase van de Landschapswerkplaats. Dat betekent dat er al dit jaar wordt gewerkt aan de eerste plannen. “Dat is geweldig”, zegt Anja, “Maar we weten ook dat ons project tijd kost. Een bos is er niet zomaar. De grond moet worden aangekocht, bestemmingsplannen gewijzigd én het moet passen in de andere plannen die al voor het gebied klaarliggen. Dat betekent veel betrokken partijen, zoals natuurorganisaties, het Waterschap en de gemeente. We moeten dus geduld hebben. Maar via Toukomst zitten we nu als inwoners wél met deze partijen om tafel. De Landschapswerkplaats maakt veel meer mogelijk dan we in ons eentje hadden kunnen doen.”

Prolander als hoofdaannemer

Prolander is gespecialiseerd in gebiedsontwikkeling en is verantwoordelijk voor de Landschapswerkplaats op lange termijn. Prolander zorgt er als ‘hoofdaannemer’ voor dat het opzetten en runnen van de Landschapswerkplaats zo vlot mogelijk verloopt, zodat alle betrokken partijen, waaronder inwoners van Groningen, samen concrete en uitvoerbare plannen kunnen maken. Martin van Dijken, die als landschapsarchitect vanuit Prolander betrokken is bij de Landschapswerkplaats, noemt het een uniek experiment. “De Landschapswerkplaats is vóór en van de inwoners van Groningen. Zij zitten aan tafel en staan centraal in de werkplaats. Het is aan Prolander, Landschapsbeheer Groningen en andere partijen die de Landschapswerkplaats professioneel ondersteunen om al schetsend met Groningers steeds beter in beeld te krijgen hoe we het landschap in Groningen kunnen verbeteren. We hebben de grote uitdaging om een groene en blauwe dooradering van het Groninger landschap te creëren, waarbij groen staat voor groene bermen, bossen, wandel- en fietspaden en blauw voor het water en de vaarroutes. De kunst is om dit zo te doen dat alle ontwikkelingen elkaar versterken. Je kunt bijvoorbeeld heel mooi een wandelpad aanleggen als het Waterschap toch al met de oever bezig is. Naar zulke verbindingen gaan we continu op zoek.”

Portretfoto van Martin van Dijken

In de Landschapswerkplaats komen de systeemwereld (de professionals) en de burgers bij elkaar. Werelden die soms ver uit elkaar lopen.

MARTIN VAN DIJKEN

Hooggespannen verwachtingen

De verwachtingen zijn hooggespannen, weet Martin. “We zijn ons er zeer van bewust dat Groningers al vaak teleurgesteld zijn door de overheid. Iets wat we natuurlijk willen voorkomen, en dat betekent dat we aan verwachtingsmanagement moeten gaan doen: wat kan snel, wat heeft meer tijd nodig, en wat lukt misschien niet en waarom? De Landschapswerkplaats richt zich straks, na het maken van een Gebiedsagenda, op een Werkplaatsagenda. Hierin staat heel duidelijk aangegeven met welke projecten de Landschapswerkplaats aan de slag gaat, welke partijen daarbij betrokken zijn, wat er verder nog nodig is en hoeveel tijd het naar schatting gaat kosten. Soms gaan projecten simpel en snel, dan zijn de vergunningen vlot geregeld en is de grond beschikbaar. Maar wat als een grondeigenaar zijn grond niet wil verkopen? Of als er geen schonegrondverklaring kan worden afgegeven omdat de bodem vervuild is? Dan loopt zo’n project heel anders dan verwacht. Daarover moeten we open blijven communiceren.”

Nieuwe manier van werken

Martin vervolgt: “In de Landschapswerkplaats komen de systeemwereld (de professionals) en de burgers bij elkaar. Werelden die soms ver uit elkaar lopen. Waar burgers zich misschien afvragen waarom we niet gewoon morgen van start kunnen met het planten van dat bos, weten de professionals dat er misschien eerst een bodemonderzoek nodig is. En waar professionals misschien niet altijd snappen waarom een strookje groen op die plek nu zo belangrijk is, kunnen de bewoners juist weer vertellen waarom ze daar zoveel waarde aan hechten. Deze nieuwe manier van werken kan heel vruchtbaar uitpakken, we hebben daar als Prolander met kleinere projecten al goede ervaringen mee. Voortdurend met elkaar in gesprek blijven leidt tot wederzijds begrip. Daarbij hebben we het voordeel dat de Landschapswerkplaats een project is van de lange duur – zo’n acht tot tien jaar. We hebben dus tijd om een band met elkaar op te bouwen.”

De Landschapswerkplaats


Met de Landschapswerkplaats creëert Toukomst, samen met inwoners van Groningen, een biodivers natuurnetwerk van vaarroutes, wandelpaden, ruiterpaden en fietspaden. Dit om Groningers meer te kunnen laten genieten van hun landschap. De Landschapswerkplaats bestaat uit tien grote projecten, die op hun beurt weer bestaan uit meerdere kleine projecten. De Landschapswerkplaats krijgt vorm in twee sporen: 1). De pilotprojecten die dit jaar al van start kunnen, en 2). Het project op langere termijn waarin alle initiatieven een plek krijgen. Landschapsbeheer Groningen is verantwoordelijk voor spoor 1, Prolander voor spoor 2. Er is vanuit Toukomst dertig miljoen euro beschikbaar voor de Landschapswerkplaats, hiervan is 1,1 miljoen euro gereserveerd voor de pilots die dit jaar van start gaan.